Doen wat je moet doen!

In de stille week krijgen deze woorden een diepere betekenis. Ze herinneren aan de woorden van Jezus, die Hij in de laatste nacht van zijn leven bad. “Vader, als het mogelijk is, laat deze beker aan mij voorbij gaan. Maar laat het niet gebeuren zoals ik het wil, maar zoals u het wilt.” (Matteüs 26, 39) Dit gebed bad hij in andere woorden nog twee keer. Jezus ging deze weg omdat, zo heeft Hij zelf meerdere keren gezegd, het woord van de profeten vervuld moest worden. De beker moest Hij tot de bodem toe leegdrinken. Hoewel dit vooruitzicht monsterlijk was, ging Hij de weg van lijden, Godverlatenheid en dood. Dit is gehoorzaamheid en beantwoorden aan je bestemming in optima forma.

Doen wat je moet doen, is voor ons vaak geen vanzelfsprekendheid. Het is lang niet altijd duidelijk wat de bedoeling is. En als we daar wel een beeld van hebben, liggen allerlei gevaren op de loer.  Neem nu het voorval met de discipelen. Jezus had gezegd dat ze naar de overkant van het meer zouden gaan (Lucas 8, 22) Terwijl Jezus ligt te slapen, steekt een wervelstorm op. Het schip maakt water en dreigt te zinken. Met de dood in de ogen, roepen zij Jezus uit zijn slaap. “Meester, we vergaan!” De discipelen wisten waar ze heen moesten (de overkant), ze hadden hun meester in de nabijheid, maar durfden niet verder. Hoe herkenbaar!

De reactie van Jezus is magistraal. Hij bestraft wind en golven. Van het ene op het andere moment is het windstil en rimpelloos. “Waar is jullie geloof?”, vraagt Jezus zijn leerlingen.

Geloof: het is een vast vertrouwen, de grondslag van onze hoop. De zekerheid, een bewijs van dingen die anderen niet zien. Geloof heeft alles te maken met gehoorzaamheid. Doen wat je moet doen, ook als dat betekent dat je een moeilijke weg moet gaan. Als Jezus dit niet had gedaan……. De schrijver van de Hebreeën zegt in hoofdstuk 5, 8-9:

Hoewel hij zijn Zoon was, heeft hij moeten lijden, en zo heeft hij gehoorzaamheid geleerd. En toen hij naar de uiteindelijke volmaaktheid gevoerd was, werd hij voor allen die hem gehoorzamen een bron van eeuwige redding.”